Financiële Dictatuur

Wat Sjoerd van Keulen en niet-autochtone jongeren gemeen hebben

We hebben het allemaal gevolgd de afgelopen paar dagen: SNS Reaal is van ons en Sjoerd van Keulen heeft ons allemaal persoonlijk 220 euro gekost. Wat volgde was een ware klopjacht op de inhalige man met Jelle Brandt Corstius die de ‘GEEF TERUG!’ beweging een charismatisch gezicht gaf. Maar in een opiniestuk in de Volkskrant schrijft Cees van Lotringen, voormalig redacteur Financieel Dagblad, dat het onterecht is om Van Keulen zo aan te vallen. Wat we niet allemaal gevolgd hebben is de presentatie van de werkeloosheidcijfers onder niet-autochtone jongeren. Hier was echter geen groots online offensief ingezet om mails te sturen naar bedrijven om deze jongeren aan te nemen. Er was ook geen beslissing van de overheid om in te grijpen en deze groep mensen als waardig van hulp en steun te zien. Onder andere omdat er onterecht werd toegevoegd dat het toch niet zoveel zou uitmaken. Verschillende uitkomsten, maar toch dezelfde mentaliteit.

Van Lotringen begint zijn schouwspel door de lezers te attenderen dat hij een tree hoger zit dan Brandt Corstius. Zijn herinnering aan de eerste ontmoeting met Brandt Corstius is zo glad als schuurpapier. De toon doet je bijna vergeten dat het gaat om een situatie waarbij 3,7 miljard euro is gemoeid. Wij worden wel herinnerd aan hoe ver Brandt Corstius is afgegleden van wat Van Lotringen van hem verwacht. Hij is niet meer de gedreven journalist maar opeens een activistische intellectueel. O jee, dat willen we niet hebben hier in Nederland! Van Lotringen wil dat we met discussie gaan onderzoeken hoe het zo ver heeft kunnen komen, maar meteen ingrijpen, ho maar.

Voor wie het interview met de directeur van het Sociaal Cultureel Planbureau voor de Statistieken, Paul Schnabel, een dag na het opiniestuk van Van Lotringen, heeft gelezen zou die ‘ho maar’ wel eens bekend kunnen klinken. Op 4 februari kwam het CBS met een rapport waarin werd aangehaald dat de werkeloosheid onder niet-autochtone jongeren 3 keer hoger is dan de werkeloosheid onder autochtone jongeren. Maar volgens Schanbel kan daar niks aan gedaan worden. Programma’s uit het verleden hebben getoond dat het beter is om te wachten tot er banen voor hen zijn dan om de problemen die ze nu hebben om aan een baan te komen aan te pakken. Welke problemen zijn dat? Nou discriminatie en racisme. En dat die dingen een rol spelen hebben ze vooral aan zichzelf te danken volgens Schnabel, die hiermee ook een onwil toont om deze groep mensen als hulp waardig te zien.

Deze onwil zien we ook terug in Van Lotringen’s betoog tegen de aanpak die Brandt Corstius heeft gekozen. Op een gegeven moment haalt hij zelfs de filosoof Julien Benda erbij om zijn punt te maken. Volgens Van Lotringen zegt Benda dat intellectuelen, in een neerbuigende paternalistische terzijde vertelt hij ons dat hij Brandt Corstius een intellectueel vindt, ‘de redelijkheid en het rationalisme dienen en zich niet laten verleiden tot effectbejag, xenofobie en uitsluiting’. Xenofobie wordt aangehaald en Van Lotringen heeft niet door hoe hol zijn eigen woorden klinken. Juist daar zit het probleem; zowel Van Lotringen als Schnabel krijgen het doodsbenauwd van een paradigma verschuivingen. Volgens beide lost ‘de markt’ de situatie zelf wel op. Maar zoals we hebben gezien is dat niet het geval. Zonder kritische toezicht hebben figuren als Van Keulen het er een potje van kunnen maken en zonder handhaving van onze anti-discriminatie wetten hebben bedrijven mensen kunnen uitsluiten van de arbeidsmarkt.

Van Lotringen heeft zijn hele betoog duidelijk vanuit zijn onderbuik geschreven. Hij is bang om ook aan de schandpaal genageld te worden gezien hij ook onderdeel uitmaakt van de zelfde wereld waar Van Keulen zo lang zo goed heeft kunnen gedijen. Schnabel wil niet dat er ‘paniekvoetbal’ gespeeld moet wordt omdat de cijfers dan anders zouden tonen dat het wel degelijk positief effect heeft om bedrijven met een racistische personeelsbeleid aan te pakken. Beiden blijven ze zich houden aan de oude verhoudingen om niet aan hun eigen positie te hoeven tornen. Er moet nu echter vanuit een ander perspectief gedacht en gehandeld worden als we blijvende veranderingen willen.

 

(Met dank aan Arnold Lubbers)

Comments

comments